DECREET PLEEGZORG MIST ZIJN EFFECTEN NIET

15-07-2017
-
Nieuws uit het parlement

Vandaag nam de Vlaamse Regering kennis van het evaluatierapport over het decreet pleegzorg. Daarbij springt de vaststelling dat het decreet effectief een hefboom is gebleken om pleegzorg op een kwaliteitsvolle en duurzame wijze uit te bouwen in het oog.
Het decreet dateert van 29 juni 2012 en was een parlementair initiatief van Vlaams Volksvertegenwoordiger Katrien Schryvers (CD&V). Die is alvast tevreden met de resultaten die uit het evaluatierapport naar voor komen. ‘Pleegzorg heeft duidelijk een prominentere plaats gekregen binnen de hulpverlening,’ zo stelt ze. In het rapport worden ook een aantal aanbevelingen tot aanpassingen gedaan. Daar wil Schryvers nu zo snel als mogelijk werk van maken.

Met het decreet pleegzorg van 2012 wilden hoofdindiener Katrien Schryvers en de mede-indieners pleegzorg verankeren als belangrijke en eerste te overwegen hulpverleningsvorm wanneer kinderen en jongeren niet thuis kunnen opgroeien en uit huis geplaatst moeten worden. Pleegzorg biedt hen dan al dan niet tijdelijk en al dan niet onderbroken een gezinsverband dat bijdraagt tot hun ontwikkeling, ontplooiing, herstel, resocialisatie en/of integratie.

Om die doelstelling te bereiken voorziet het decreet een aantal krachtlijnen.
Zo leidde het decreet tot een schaalvergroting, waarbij de 24 diensten voor pleegzorg overgingen naar 5 provinciale diensten. Hierdoor kon de expertise binnen de diensten worden versterkt, en worden meer mogelijkheden gecreëerd voor het matchingsproces tussen pleegkind en pleegouders.
Daarnaast werden uniforme screeningsvoorwaarden en een procedure tot attestering ingevoerd en werd voortgezette pleegzorg mogelijk gemaakt tot 21 jaar.
Om het aanbod pleegouders voor de allerkleinste kinderen te verhogen, bepaalt het decreet dat pleegouders in de voorschoolse kinderopvang in het IKG (inkomensgerelateerd)-systeem automatisch het laagste tarief kinderopvang krijgen, alsook een voorrangsregeling. De kosten voor kinderopvang – die voorheen berekend werden op het inkomen van het pleeggezin- bleken voorheen immers vaak een barrière.
Ook voorziet het decreet een automatische toekenning van de school-en studietoelage voor pleegkinderen die langer dan één jaar in een pleeggezin verblijven.
Belangrijke vernieuwing was ook te vinden in het feit dat aan de rechter wordt opgelegd om steeds pleegzorg als eerste hulpverleningsvorm bij uithuisplaatsing te overwegen, en dat voorzien werd in een motiveringsplicht wanneer niet wordt beslist tot pleegzorg.

Dat een aantal maatregelen uit het decreet hun effect niet missen, blijkt uit de evolutie van de cijfers na de invoering van het decreet. Zowel in 2015 als in 2016 steeg het aantal pleeggezinnen met 7% per jaar. Einde 2016 stonden 4.717 pleeggezinnen open voor 6.507 pleegkinderen, tegenover 6.058 in 2015. Het recht op een verminderd tarief kinderopvang in het kader van pleegzorg steeg van 172 in 2014 tot 569 in 2016. Daarnaast werd in het schooljaar 2015-2016 voor 2.701 pleegkinderen een school- of studietoelage uitbetaald.

‘Het is goed nieuws dat uit de formele evaluatie nu ook blijkt dat mijn voorstel van decreet pleegzorg van 2012 een effectieve hefboom is gebleken om pleegzorg kwaliteitsvol en duurzaam uit te bouwen’, aldus Katrien Schryvers, ‘De evolutie van de cijfers jaar na jaar gaf al wel die indicatie, maar nu blijken een aantal maatregelen toch echt wel hun effect niet te missen;’

In het evaluatierapport worden ook een aantal aanbevelingen gedaan voor bijsturingen, en dit zowel aan het decreet als aan het uitvoeringsbesluit.
Zo wordt in coherentie met het actieplan voortgezette jeugdhulp voorgesteld om ook pleegzorg mogelijk te maken tot de leeftijd van 25 jaar. Daarnaast wordt aanbevolen de rechter opnieuw de mogelijkheid te bieden al op jonge leeftijd te beslissen tot pleegzorg tot de leeftijd van 13 jaar. Nu kan dit maximaal voor een termijn van drie jaar. De termijn voor perspectiefzoekende pleegzorg zou best worden uitgebreid van 6 maanden tot 12 maanden, aldus de evaluatie. Ook wordt voorgesteld het register van geweigerde en ingetrokken attesten pleegzorg te schrappen.

‘Het is hartverwarmend vast te stellen dat zoveel mensen hun huis en hun hart willen openzetten voor pleegkinderen,’ aldus een tevreden Katrien Schryvers. ‘Ik ben blij daaraan met het decreet pleegzorg een steentje te hebben kunnen bijdragen. Naar de toekomst toe moeten we verdergaan op de ingeslagen weg. Daarom gaan we nu ook zo snel als mogelijk werk maken van de voorgestelde aanpassingen. In het belang van alle kinderen die niet thuis kunnen opgroeien, willen we pleegzorg immers verder verankeren in de hulpverlening.’