Ondersteuning voor opvang kinderen met specifieke zorgbehoeften stijgt

02-03-2018
-
Nieuws over kinderen

Het opvangen van een kind met specifieke zorgbehoeften is niet altijd evident en stelt een organisator van kinderopvang, de opvanglocatie en de individuele kinderbegeleiders vaak voor specifieke uitdagingen. Om hen te helpen deze uitdagingen aan te gaan, zijn er onder andere de zestien centra inclusieve kinderopvang (CIK's), gespreid over vijftien Vlaamse zorgregio’s en Brussel. Via inclusiecoaches zetten de CIK's in op het sensibiliseren, het delen van expertise en het ondersteunen van organisatoren/kinderopvanglocaties. Zij worden in hun opdracht ondersteund door een begeleidingstraject dat werd opgezet door Kind en Gezin en het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap (VAPH).

 

Deze CIK's gingen van start op 1 januari 2014 en blijven actief voor een proeffase van vijf jaar. Dit jaar wordt een grondige evaluatie van de centra voorbereid. De CIK’s begeleiden zowel opvang voor baby’s en peuters als initiatieven voor buitenschoolse opvang.

 

Uit cijfers die Vlaams volksvertegenwoordiger Katrien Schryvers opvroeg bij Vlaams minister van Welzijn, Volksgezondheid en Gezin, Jo Vandeurzen, blijkt dat er in 2015 voor 1432 kindjes met een specifieke zorgbehoefte een specifieke inclusiesubsidie werd toegekend aan de vergunde opvang. In 2016 ging het om 1420 kindjes en voor 2017 staat de teller op 1309 kindjes, maar dat aantal kan nog stijgen, aangezien aanvragen ingediend kunnen worden tot zes maanden na de eerste opvangdag.

 

In de opvang voor kindjes die al naar school gaan, is – ook met de voorlopige cijfers van 2017 – een duidelijke stijging merkbaar. In 2016 kende Vlaanderen voor 1096 kinderen een specifieke inclusiesubsidie goed. In 2017 steeg dit aantal (voorlopig) tot 1264.

 

De initiatieven voor buitenschoolse opvang vinden ook steeds meer de weg vinden naar de CIK’s.

 

Het aantal ondersteuningstrajecten dat vanuit de CIK voor initiatieven buitenschoolse opvang wordt opgezet steeg van 35 trajecten in 2015 naar 46 trajecten in 2016. Dat wil zeggen dat in 2016 achttien procent van de voorzieningen (252) in de zestien betrokken zorgregio’s werd gevat door een ondersteuningstraject.

 

Katrien is tevreden over het feit dat initiatieven voor buitenschoolse kinderopvang steeds meer open staan voor inclusieve opvang. “De ondersteuning, begeleiding en sensibilisering omtrent de opvang van kinderen met een specifieke zorgbehoefte is belangrijk. Het moedigt de opvanginitiatieven aan om ook en meer open te staan voor deze doelgroep.