Wijziging decreet maakt pleegzorg nog duurzamer

09-11-2017
-
Nieuws over kinderen

Sinds 1 januari 2014 is het nieuwe decreet pleegzorg van kracht. De evaluatie ervan na drie jaar toonde aan dat de vernieuwde organisatie effectief een hefboom is om pleegzorg op een kwaliteitsvolle en duurzame wijze uit te bouwen. Er kwamen echter ook een aantal verbeterpunten aan het licht. Om deze aan te pakken stellen de meerderheidspartijen enkele wijzigingen aan het decreet voor. In een voorstel van resolutie vragen zij de Vlaamse regering bovendien om nog meer in te zetten op de kwaliteit van pleegzorg.

 

Voor de zomer van 2017 nam de Vlaamse Regering kennis van het evaluatierapport over het decreet pleegzorg. Daaruit blijkt dat pleegzorg de voorbije jaren duidelijk een prominentere plaats kreeg binnen de hulpverlening. 

 

De belangrijkste doelstelling destijds was om pleegzorg te verankeren als eerste te overwegen hulpverleningsvorm wanneer kinderen en jongeren niet thuis kunnen opgroeien, en tijdelijk uit huis geplaatst moeten worden. Sinds de ingang van het decreet moet een rechter motiveren wanneer hij niet beslist tot pleegzorg. Daarnaast gingen de 24 diensten voor pleegzorg op in vijf provinciale diensten, werden uniforme screeningsvoorwaarden en een procedure tot attestering ingevoerd, en werd voortgezette pleegzorg mogelijk gemaakt tot 21 jaar. In de inkomensgerelateerde kinderopvang betalen ouders voor pleegkinderen automatisch het laagste tarief en genieten ze van een voorrangsregeling. Kinderen die langer dan één jaar in een pleeggezin verblijven krijgen ook automatisch een school- of studietoelage.

 

Deze maatregelen misten hun effect niet. Het evaluatierapport van het agentschap Jongerenwelzijn, de diensten voor pleegzorg, Pleegzorg Vlaanderen vzw, cliëntvertegenwoordigers en andere relevante stakeholders, bevat echter ook een aantal aanbevelingen voor bijsturingen. In haar voorstel van decreet komt Katrien Schryvers, samen met haar collega's, daaraan tegemoet.

 

  • Een eerste voorstel is om de termijn van perspectiefzoekende pleegzorg te verlengen van zes maanden naar een jaar. Op die manier is er meer ruimte om te werken aan een succesvolle terugkeer naar huis. Bovendien moet het mogelijk worden om perspectiefbiedende pleegzorg uit te spreken tot de leeftijd van dertien jaar, en niet slechts voor een maximale termijn van drie jaar zoals nu het geval is.
  • De definitie van behandelingspleegzorg wordt bijgesteld. Het wordt een vorm van pleegzorg die voorziet in een behandeling voor een pleegkind of een pleeggast, of een training en begeleiding van de pleegzorger of de gezinnen waarvan de ouders of wettelijke vertegenwoordigers van de pleegkinderen of de pleeggasten deel uitmaken.
  • Het nieuwe decreet maakt het ook mogelijk om meer modules van pleegzorg te kunnen aanbieden aan meerderjarigen die in een pleeggezin verblijven. Nu is pleegzorg voor meerderjarigen eigenlijk enkel bedoeld voor wie psychiatrische problemen heeft of een handicap. Dat vormt een probleem voor wie achttien wordt en in het kader van voortgezette pleegzorg of voortgezette jeugdhulpverlening in een pleeggezin verblijft. Met de aanpassing van de definitie voor pleegkind en pleeggast moet het mogelijk worden om meerdere typemodules pleegzorg ook aan te bieden aan meerderjarigen. De leeftijd waarvoor pleegzorg mogelijk moet zijn, wordt bovendien opgetrokken van 21 tot 25 jaar.
  • Jeugdrechters krijgen de mogelijkheid om kinderen tot hun 13 jaar te plaatsen in een pleeggezin. Nu was de maximumtermijn die een jeugdrechter kon uitspreken 3 jaar. Voor kinderen en jongeren boven de 13, blijven de maximumtermijnen 3 jaar. Met die aanpassing zorgen de parlementsleden ervoor dat voor bepaalde kinderen er lange termijn duidelijkheid kan komen.
  • Daarnaast moeten pleegzorgers die willen overgaan tot adoptie gevat blijven door de definitie van pleegzorg. Op die manier kunnen ze verder genieten van de begeleiding van een dienst voor pleegzorg, tot op het moment van de totstandkoming van de adoptie.
  • Een andere vraag gaat over de forfaitaire kostenvergoeding voor pleegouders die nu wordt stopgezet wanneer pleegouders de procedure tot adoptie in gang zetten. Wanneer de adoptie toch niet wordt uitgesproken, moet de vergoeding met terugwerkende kracht alsnog worden uitbetaald.
  • Voor de diensten voor pleegzorg en Pleegzorg Vlaanderen willen de parlementsleden de mogelijkheid creëren om aanspraak te maken op projectfinanciering, in functie van nieuwe opdrachten en/of problematieken die zich voordoen op één of meer terreinen binnen pleegzorg.
  • Per pleegkind of pleeggast moet een (kandidaat-)pleegzorger beschikken over een attest om dit pleegkind of deze pleeggast te kunnen opvangen. Dat attest wordt in het voorstel van decreet niet aan één persoon toegekend, maar aan een heel gezin. Zo wordt vermeden dat slechts één pleegzorger wordt opgeroepen voor bijv. de jeugdrechtbank. In situaties van echtscheiding kunnen de twee ‘nieuwe’ pleeggezinnen zo betrokken blijven bij de opvang van het pleegkind of -gast. Ook kunnen bij een specifieke zorgzwaarte eventueel meerdere geattesteerde pleeggezinnen betrokken worden.

Naast deze voorstellen, die de meerderheidspartijen in een decreet goten, richten zij in een voorstel van resolutie een aantal vragen aan de Vlaamse regering met het oog op een nog duurzamere pleegzorg.

 

Zij vragen de Vlaamse regering om bij perspectiefzoekende pleegzorg een evaluatie van het pleegzorgtraject na zes maanden toe te voegen aan het takenpakket van de provinciale diensten voor pleegzorg. Uiteraard moeten de diensten er blijvend toe worden aangezet in te zetten op het kwaliteitstraject. Ook een betere samenwerking tussen de diensten voor pleegzorg en het CAW in het kader van de begeleide ontmoetingen, behoort tot de aanbevelingen.

 

Pleegzorg is veelal de beste keuze voor een kind dat niet meer bij de eigen ouders kan blijven, om welke reden dan ook. Deze vorm van hulpverlening biedt hen al dan niet tijdelijk, en al dan niet onderbroken een gezinsverband dat bijdraagt tot hun ontwikkeling, ontplooiing, herstel, resocialisatie en/of integratie. Het decreet van 2012 heeft pleegzorg meer op de kaart gezet. De verbeterpunten die nu voor liggen zijn dan ook gericht op verder groei, veeleer dan op radicale of fundamentele koerswijzigingen.